Archive for the ‘The Dog’ Category

Wit kolleke voor kerst? Naah!

november 18, 2008

Ha! Al die eensgezinde reacties op onze vorige post! Wreed plezant vinden we dat.

Koud. Miezeren. File. Het was weer van dat deze ochtend. Achter mij een asshole met een blauw gestreept hemd met zo’n effen wit kolleke: ik weet niet wat u daarvan vindt, maar ik vind dat dus – om het deftig uit te drukken – serieus fout. En hij had een donkere zonnebril aan, om 7u54. In welke tijdzone hij leefde weet ik niet, maar in de onze was het wel degelijk nog donker. En plakken in mijn gat dat het geen naam had, in de file net voor Aalst. Stripsgewijs zou een mens daar binnensmonds wel eens “whoeah” en “eek” bij kunnen uitslaken, niet? Het derde baanvak waarop ik zat stond stil, het middenste baanvak ging aan vijf per uur vooruit, dus de asshole voegt in op dat middenste baanvak (tot grote ergernis en opgestoken vinger van een motorrijder die hij bijna meehad) en haalt mij stapvoets in, eveneens dezelfde vinger woest naar mij opstekend. Een minzame glimlach van Dweezel. The Dog opende de middenconsole, zette zelf zijn zonnebril op en gaf een grootte van ongeveer twee centimeter weer tussen duim en wijsvinger. Het wit kolleke begreep het onmiddellijk en toen ging het derde baanvak weer vooruit.

Nog vijf weken en Dweezel en The Dog hebben kerstverlof. Twee weken, jawel, ook al staan we geen van beide in het onderwijs. Voor het eerst sinds jaren, twee volle weken en ik heb zowaar zelfs zin in kerstmarkten en de alom bekende, gevreesde of geliefde kerstsfeer 🙂 Dweezel Junior is nu en dan thuis, maar kerst en nieuw viert hij bij zijn mama omdat daar veel meer kinderen zijn en dat is dus voor hem veel plezanter. Sommige gescheiden ouders vechten voor dood om hun kind(eren) bij zich te hebben voor kerst en/of nieuw, zonder te denken aan het (de) kind(eren) in kwestie… Dweezel Junior zou zich ook wel amuseren bij Het Lief en Dweezel en The Dog, maar bij zijn mama zijn er de twee kinderen van de nieuwe man (nu ja, ‘nieuw’ is ondertussen wel nogal relatief geworden), mama’s eigen nieuwe dochtertje (halfzusje dus voor Dweezel Junior) en misschien zelfs de tante met twee spruiten. Wat zou ik dan in godsnaam gaan zielig doen dat hij niet bij mij is? Geen enkele reden toe, da’s mijn gedacht, ik ben blij voor hem en hij krijgt zijn sint-, zijn verjaardags-, zijn kerst- en nieuwjaarscadeautjes dan wel als het past. Dure maand!

Ik ben content dat zapnimf weer de pen, allez, het toetsenbord heeft opgenomen 🙂 Het was daar veel te stil, veel te lang. Ongetwijfeld zal dat hier ook zo zijn in het kerstverlof 🙂

Ik msn, jij msn’t, wij msn’en, the virtual bar

oktober 16, 2008

Dweezel en The Dog are back! Na een korte periode van niet één maar vijf tandjes bijsteken werkgewijs en véél te weinig slaap, zijn we, bijna uitgerust, terug op post.

BV: “ik zen overal bruin en geschoren”
Dweezel:”Ah ja? Ik ben overal bleek en laat alles welig tieren.”
BV: “en ik he ne C-cup”
Dweezel: “Ik wil een M-cup.”
BV: “M? ken ik nie. Zien!”
*webcam aan*
*Dweezel toont grote koffiemok met de letter ‘M’ op*
BV: “Ja seg”
*webcam uit*
BV: “Wilde mijne C nu zien of nie?”
Dweezel: “Nope.”
*weigert verzoek om webcam aan te zetten*
*foto rechts boven verandert in – jawel*
Dweezel: “Ik had toch gezegd dat ik ze niet wou zien?”
*foto rechts boven verandert in eentje van een geschoren onderdeel*
Dweezel: “Ah! Emiel Goelen?”
BV: “klootzakske”
Dweezel: “Neen, dat krijg je niet te zien. Ik ga je blokkeren. Bye!”
*blokkeert de BV*
*even later een mail in hotmail met de boodschap ‘ge weet nie wa ge mist’, vergezeld van de foto’s in het groot*

Je komt soms wat tegen op msn. Je hebt de intellectuelen, je hebt de wanhopigen, je hebt de lievekes en je hebt de sletten. Voor elk wat wils, van zinderende hersens tot lillend vlees, van diepe droefheid tot extatische vrolijkheid. Hoe ik het ook draai of keer, in bijna iedereen vond ofwel Dweezel, ofwel The Dog wel iets boeiends terug. Soms droefheid, soms eenzaamheid, soms speelsheid, soms verlangen en soms, heel soms, gewoon een goeie babbel die wel enkele avonden en/of nachten kon duren.

Ja ja, beste lezer, schrik niet maar Dweezel en The Dog vonden msn tijdens een korte fase in hun leven best wel leuk. Leuk tot op het moment dat ze weer eens om zes uur ’s ochtends naar hun bed kropen, drie thermossen koffie binnen en een (midden in de nacht in de nachtwinkel vers gehaald) pakje tabak opgerookt, scheel van op dat scherm te kijken en met het volle besef dat een uurtje slaap de volgende werkdag zwaar zou wegen. De aandacht die je krijgt (en geeft), in een medium dat uiteindelijk echt hol is, leidt per definitie naar verslaving. De hoop nicknames in je lijst met contactpersonen waarvan je op den duur niet meer weet wie ze zijn en op welk onderdeel van het Fenomeen je ze hebt leren kennen, heeft een bittere nasmaak omdat je beseft dat de indrukken, hoe goed ze toen ook aanvoelden, veelal niet blijvend zijn. Als je jezelf toelaat een msn-adept te worden, geef je jezelf een – en ik spreek uit ervaring – access all areas pasje in Zombie Nation. Het heeft zijn charme, maar enkele maanden was meer dan genoeg voor Dweezel en The Dog.

Het hangt er natuurlijk ook vanaf wat je zoekt. Dweezel zocht een stabiele, lieve partner, The Dog zocht in diezelfde partner genoeg speelsheid. Het Lief bleek eerst en vooral heel speels: de manier waarop ze me benaderde was op zijn minst bijzonder origineel te noemen en toen ze later die nacht langskwam bleek ze nog heel lief te zijn ook. Wat je ook zoekt in msn, je vindt het wel, daar ben ik van overtuigd, maar eens je denkt het gevonden te hebben en je niet de stap zet naar IRL zoals dat heet, verwatert dat contact. Als het klikt, neem dan de spreekwoordelijke koe bij de horens en navigeer naar een date. De charme van quasi anoniem achter je scherm te zitten tikken op je klavier is leuk, dat geef ik grif toe, maar met iemand babbelen en oogcontact hebben is leuker; soms zit het er boenk op in de chat, maar glad naast IRL en dat is het enige gevaar – waar is de klik heen? Hebben we elkaar eigenlijk echt wel iets te zeggen? Hebben we tout court wel interesse om hier te zijn? Dat is ook zoiets: als het binnen de eerste minuut op een date niet “gemakkelijk” loopt, dan heeft de date al maar vijftig procent meer kans om leuk te worden. Allez, dat is toch de ervaring van zowel Dweezel als The Dog. “Gemakkelijk” was voor Dweezel iemand met verstand en voor The Dog iemand met sprekende ogen en een eerlijke lach – het weze genoteerd dat anderen een compleet andere definitie aan “gemakkelijk” kunnen geven 🙂

Etiquette? Op msn? Naaah, onbestaand. Alles wordt bepaald tijdens die kortstondige ogenblikken one-to-one en de do’s and don’ts merk je snel genoeg. Sommigen tonen zich meteen (té) speels, sommigen zijn (té) terughoudend. Het enige waar ik compleet de seskes van kreeg waren zo van die widgets die dienen ter vervanging van letters: sommige BV gebruikten er zó veel, dat het echt zielig werd en dan vroeg ik me steevast af welke hoek er nu weer af was die hen dreef om die dingen te gebruiken. Want BV met hoeken af, daar kan ik van meespreken – helaas – en wou ik zo ver als mogelijk uit de buurt houden. Wat ik dan wél beschouw als etiquette is: respecteer de “bezet”-status van anderen. Niks zo irritant als de hele tijd gestoord te worden tijdens een leuke conversatie.

Kortom: msn is het verlengde van het Fenomeen en maakt alles véél gemakkelijker. Zowel Dweezel als The Dog zijn er compleet van afgekickt, maar als het op het onderhouden van vriendschappen aankomt, zou ik me daar nog wel aan wagen. Zo heb ik vrienden in een heel ver buitenland en zowel Skype als msn zijn in dergelijke omstandigheden handig, maar er is één ding waar ik het wat lastig mee heb vandaag de dag: na op zijn minst acht uur per dag achter een scherm te zitten, is de behoefte om thuis nog eens de pc aan te zetten ’s avonds compleet onbestaand (vandaar ook de frequente herinneringsfacturen als je enkel on line banking doet). De mensen die me willen bereiken, kunnen me ook bellen nietwaar? Ha! Het Emiel Goelen schepsel heeft mijn gsm niet gekregen voor alle duidelijkheid – een beetje kieskeurig zijn we wel: een C-cup en geschoren onderdelen staan geenszins garant voor de persoon waaraan ze bevestigd zijn. Pars pro toto’s 🙂

Aliens en uitslapen

september 29, 2008

Het Lief heeft vandaag een vrije dag en zowel Dweezel als The Dog waren als poezen aan het spinnen van contentement toen ze het huis verlieten, een blond feetje achterlatend in hun bed. Dat feetje kon eindelijk eens uitslapen en het was deze ochtend de eerste keer dat ze dat ten residentie Dweezel kon doen terwijl ondergetekende én Dweezel Junior wél op moesten. Voelt heel huiselijk aan, voelt heel leuk aan, voelt niet meer vertrouwd aan, maar deugd dat dat doet, niet te doen. Ze was vroeg wakker maar heeft liggen nagenieten tot 11u. Ze heeft van alles in de frigo een beetje geproefd. Ze is nu wat op haar lappen en deze avond komt ze terug. ’t Is zowaar net echt.

Soms denkt Dweezel dat Het Lief from outer space is, echt a cosmic girl om het met Jamiroquai te zeggen. Het Lief zaagt niet, is niet opportunistisch, hecht geen belang aan het slijk der aarde, staat open voor alles, stelt geen voorwaarden, stelt geen eisen en is ongelooflijk goed met Dweezel Junior. Ze is sterk (gisteren heeft Het Lief zelfs een sofa samen met mij bovenop een jeep getild) en ze is mooi (maar loopt daar niet mee te koop). A natural beauty, weet u wel, zo eentje dat absoluut drop dead gorgeous is in alle omstandigheden zonder schmink… Ze houdt van dieren, ze houdt van de natuur, ze houdt van mensen en is heel empathisch… Kortom: Dweezel realiseert zich elke dag opnieuw dat hij een ongelooflijk gelukkige vent is… en dat hij het bijna niet kan geloven… of is het niet durf geloven? Hoe het ook zij, Dweezel denkt het bewijs van buitenaards leven gevonden te hebben op relatieplanet 🙂 They come in peace, apparently 🙂

U leest natuurlijk deze blog niet om te vernemen hoe gelukkig Dweezel wel is, tenzij u natuurlijk graag dat geluk benijdt. Zolang Dweezel echter onderhevig is aan deze stroming in zijn leven, zal de lezer posts als deze wel af en toe door zijn of haar maag gesplitst krijgen. Waar het hart van vol is, loopt de mond van over… Wees gerust, de Fenomeenposts worden nog vervolgd: het msn-gebeuren is té leuk om niet over te schrijven.

Evolutie

september 24, 2008

Even stilte op de blog van Dweezel en The Dog. Even tijd voor bezinning. In navolging van de kip en het ei, nagedacht over wie er nu eerst was, Dweezel of The Dog? Niet echt evident, want Dweezel is er bij gratie van The Dog en vice versa, de één kan niet zonder de ander en over het algemeen stimuleren ze elkaar positief, maar heel af en toe nekken ze elkaar. The Dog kan Dweezel eigenwijs en arrogant maken, Dweezel kan de vrolijkheid en de lust for life uit The Dog zuigen.

The Dog was er eerst, dat staat vast: speels, vrolijk, levenslustig, extrovert, onbevangen, alle ingrediënten om af en toe eens hard tegen de één of andere muur te knallen. Even de staart tussen de poten, maar even snel terug op pad zonder zelfs maar een klein deukje in al die eigenschappen. Naarmate The Dog groeide, werd hij steeds meer van overtuigd van zijn eigen belang, zijn niet te weerstane charme en bovenal van zijn eigen gelijk. There may or may not be something like fate, maar het lot kwam zwaaien met de moker op het hoogtepunt van de eigendunk van The Dog en hoe ongeschonden de carrosserie toen ook was, na de wervelwind bleef er niet veel meer over dan schroot. Hence, the birth of Dweezel.

Dweezel fungeerde in den beginne als beschermend harnas voor The Dog en leerde The Dog beetje bij beetje dat voorzichtigheid en zwijgen soms veel verstandiger zijn, dat andere meningen ook waarde hebben en dat de overdaad aan eigendunk van The Dog compleet ongezond was, niet alleen voor zichzelf maar ook voor anderen. The Dog trok zich heel ver terug in de bescherming van Dweezel. Ze leerden met elkaar te communiceren en de gemeenschappelijk punten werden verstevigd, de andere verdreven naar verre uithoeken van elk van de twee werelden. Er was Dweezel, er was The Dog en er was de deelverzameling .

Zo’n vijf jaar geleden deden Dweezel en The Dog de stomste zet uit hun beider leven, tegen beter weten in, tegen alle goeie raad in, het moest en zou zo zijn. De daarop volgende wervelwind had niks met het lot te zien, iedereen had die orkaan al van kilometers ver zien aanstuiven, iedereen behalve – juist – Dweezel en The Dog. De tegen dan ongeveer uitgeblutste carrosserie werd letterlijk in de prak geslagen, uit elkaar gerukt, tegen de muren gekwakt en in de smeltoven gesmeten om er als een amorfe, kneedbare massa weer uit te komen: Dweezel was niet meer, The Dog evenmin. De gemene deler tussen hen was er echter wél nog, heel klein en nazinderend van de verschroeiende hitte, diep verborgen in het gedrocht dat uit de smeltoven kwam.

De grootste gemene deler was in den beginne zwak en alles behalve speels, vrolijk en levenslustig. Het had absoluut geen eigendunk, was zwijgzaam en had geen eigen mening. Langzaam, heel langzaam, onder de nimmer aflatende fluitende en gierende wind van de – het leek wel een eeuwig durende – orkaan, begonnen zowel Dweezel als The Dog weer vorm aan te nemen. Ze groeiden een dag, een week, een maand, een jaar en hebben toen, samen, de wervelwind gestopt. Hoe? Door de wervelwind recht in de ogen te kijken en kalm maar vastbesloten te zeggen: “Nu is het genoeg geweest. Het is gedaan!”

Dweezel en The Dog, de verwekkers van deze blog, hebben nu een veel grotere gemene deler dan vroeger. De speelsheid, vrolijkheid en levenslust zijn terug en gezond. De onbevangenheid is bestrooid met een gezonde dosis voorzichtigheid, de hoge eigendunk is vervangen door het besef van een eigen “ik”. Dweezel en The Dog zijn nagenoeg één. Hier en daar een scherpe kant – sommige posts zijn vrij belerend en, jawel, uit de hoogte, we beseffen dat maar al te goed – waaraan nog moet gewerkt worden, maar alles welbeschouwd is Dweezel content en The Dog ook: ze hebben weer een doel, ze staan in het leven en staan met de kinnen omhoog klaar voor de twisters die nog op hun pad moeten komen.

Een species op zich: Hollanders

september 17, 2008

Af en toe, enkele keren op een jaar, wil The Dog ook wel eens los lopen en dan gaat Dweezel even over de grens bij onze noorderburen om wat geestesverruimende middelen (jaja, beste conservatieve-roken-en-drugs-zijn-slecht bloggers onder u, schrik u maar rot en veroordeel mij tot u er bij neervalt) om met een fles water en een zorgvuldig gerolde sigaar op één van zijn terrassen The Dog eruit te laten . Ik heb niks tegen Hollanders in hun eigen land, want dan zijn ze immers thuis, verdraagzaam, minzaam, netjes, keurig en al weet ik wat nog meer. Hollanders in het buitenland, bij voorkeur met hun sleurhut, wel, voor hen ervaren Dweezel en vooral The Dog toch wel wat andere sentimenten.

Wat me brengt bij een smal, stijl eenvaksbaantje ergens in de Pyreneeën, in 2000. Wij waren aan het stijgen in mijn toenmalig Honda Civicske, de Hollanders waren aan het dalen met sleurhut en al. Zij zien blijkbaar aan onze nummerplaat dat we Belgen zijn en dus min of meer hun taaltje verstaan en doen wat tekens opdat we zouden stoppen. Dat doen we, alle partijen stappen uit en de Hollanders komen aandraven met een kaart.

“Gedag! Kunnen jullie ons misschien uit de nood helpen?”
“Wat is het probleem?”
“We vroegen ons af waar ‘Outresdireksions’ ligt, want we vinden het nergens op de kaart.”

Dweezel heeft een donkerbruin vermoeden dat ze met zijn dingskes aan het rammelen zijn, maar neen, ze menen het echt. The Dog was toendertijd, euh, een speelse uit de kluiten gewassen pup en holde achter zijn staart aan van plezier, want dit was natuurlijk het spreekwoordelijke ‘de bal afleggen op twee meter van de goal’.

“Klopt, staat op geen enkele kaart. Waar moeten jullie heen?”
“Wel, we zijn op terugreis, dus in de richting van Parijs.”
“En waar bent u begonnen met die pijlen te volgen?”
“In Perpinjan.”
“De pijlen naar Outresdireksions zijn nochtans de pijlen die u moet volgen, dus ik vrees dat u er eentje onopgemerkt bent gepasseerd en daardoor hier in the middle of nowhere bent gestrand.”
“Gadverdamme.”
“Dus, wat ik zou doen, is deze baan verder afdalen en eerst de pijlen volgen terug naar Perpinjan. Eens u dan opnieuw daar bent, de pijlen naar Outresdireksions zoeken en zorgvuldig volgen, want het klopt wel dat ze soms niet zo goed zichtbaar zijn.”
“Is dat zo?”
“Dat is zo.”
“Nou, dat zullen we dan maar doen. Zeg, jullie Belgen zijn best wel een aardig volkje! Kunnen we jullie iets aanbieden om te drinken? Een sjudoransj?”
“Nee merci, we moeten verder anders komen we te laat. Nog een goeie reis!”

We stappen in het Civicske, manoevreren heel voorzichtig en moeizaam rond de wagen en aanhangsel van de Hollanders en rijden verder. Kilometers aan een stuk heb ik in een deuk gelegen. Enkel al de gedachte dat die Hollanders uren later weer op net dezelfde plek zouden staan…

Groove

september 16, 2008

Dweezel is volledig gedomestikeerd, zoals dat heet. De schrikdraad mag verwijderd worden, de ketting losgemaakt. Hij gebruikt zelfs Vanish en HG. Vooral over dat laatste merk is hij enorm te spreken tijdens theekransjes – voor elk huiselijk probleem is er wel een HG-pul die dat probleem van de kaart veegt. Zwarte schimmel in uw douche? HG. Stinkende afvoeren? HG. Ik zeg het u, voor àlles is er HG. Spijtig dat ik dat merk niet kende in mijn laatste relatie, want er bestaat ongetwijfeld ook een pul HG tegen compleet psychotische vrouwen, maar da’s geheel naast de kwestie.

Eén avond per week hangt Dweezel zijn basgitaar over zijn linkerschouder en gaat hij gaan repeteren met De Groep. Voor de lezer die het onderscheid niet kent tussen een gitaar en een basgitaar: een gitaar heeft zes snaren, een basgitaar vier. Om het wat moeilijker te maken, heb je natuurlijk ook zes-snarige bassen, maar dat is voor jeanetten (excuseer mij voor de basvirtuozen onder u). Een bas met vijf snaren kan er nog net door, vooral als die vijfde snaar de lage B is, want bij welgekozen gebruik kan dat net dat extra geven (Under The Bridge, laatste noot van de strofe-riff). Een amateurbassist zoals ik heeft zo geen vijfde snaar nodig. Ik ben evenmin een jeanet 🙂

De Groep gaat maandag in de studio. Cool. Waarmee ik eigenlijk wil zeggen dat Dweezel die ene avond per week niet zo gedomestikeerd is: dat is mijn avond, mijn uitlaatklep, mijn ding. Wat er zich op zo’n repetities afspeelt in mijn hoofd, dàt is mijn ding. De kick van de drum met de low down vibes van de bas, de harmonie met de piano, de welafgemeten virtuoze licks van de electrische gitaar en de stem en de folkgitaar van de zanger, waaruit elke song ontstaat. Man, dat voelt goed, dat voelt ongedomestikeerd, dat voelt vrij, ook al is het, vergis u vooral niet, hard werken op sommige ogenblikken. Het soort harde werken waar je deugd van hebt.

Op die ogenblikken is de symbiose tussen Dweezel en The Dog volledig. Dweezel denkt en ziet, The Dog voelt en beukt en de symbiose lays down the groove.

Fucking and how to pronounce it

september 15, 2008

Conversatie van Dweezel met een 15-jarige tegenspeler in heren enkel, op een tornooi, vele jaren geleden:

“FOK!”
“Da’s de gebiedende wijs van fokken!”
“Wa?”
“Allez, zeg eens fuck, met een doffe ‘u'”
“FOK!”
“Maar neen, zeg het zoals het hoort!” (zegt het voor)
“FAK!”
*zucht*
“Allez vooruit, zeg eens suck?”
“SOK!”

Ik ga niet beweren dat ik me niet schuldig maak aan een af en toe welgeplaatste “Fuck!”, maar ik probeer het toch zo beperkt mogelijk te houden. Vermits ik 39 ben en dus kan spreken van “de jeugd van tegenwoordig”, zeg ik bij deze dat de jeugd van tegenwoordig met de meest onwaarschijnlijke uitspraken en vloeken naar huis komt, bij voorkeur in het Engels. Toegegeven, die puber waar ik tegen speelde was “al” 15, maar een jaar of drie geleden, hij zat in de laatste kleuterklas, zat Dweezel Junior in zijn bad en antwoordde hij op mijn vraag “Vergeet je je tanden niet te poetsen?” out of nowhere “Fuck you bitch”. Hij vond dat zelf bijzonder grappig, maar het werd ijzig stil in de badkamer toen bleek dat papa dat helemààl niet grappig vond. De conversatie, of eerder monoloog, die daarop volgde heeft er voor gezorgd dat er nooit meer iets gelijkaardigs is uitgekomen. Dweezel weet dat hij moet letten op wat hij zegt in het bijzijn van Junior, maar toch gebeurt dat niet altijd. Ik besef dat enkel het eerste woord blijft hangen van uitspraken als “Verdomme die broek was net gewassen!” als Dweezel Junior in het vers gemaaide gras aantoont dat op de knieën slieren heel goed gaat. Als hij dan toch een ondoordachte vloek moet horen, heb ik liever dat het is in zijn moedertaal.

Deze post is geproduceerd net na het aanhoren van een compleet oninteressant verhaal, tijdens een rookbreak, van een Franstalige collega en u kan dus begrijpen dat The Dog nogal aan het blaffen was: hoe Franstaligen “fuck” zeggen is nog een ander paar mouwen, quoi 🙂

Maten en gewichten

september 15, 2008

Zowaar! Slechts anderhalf uur over een afstand die je normaal in een half uurtje doet! Een waar succes!

Dweezel was al relatief wakker voor zijn vijfde koffie, dus dat is ook een succes te noemen en The Dog heeft ook al een teken van leven gegeven: de liftdeuren gingen open, drie man present. Dweezel betreedt de lift en het alarm gaat af omdat het toegelaten gewicht overschreden wordt. Tiens, Dweezel én The Dog samen wegen slechts zo’n zeventig kilo… Nadere inspectie van de overige liftgangers resulteerde in het aanschouwen van drie ongelooflijke penzen. U weet wel, zo van die zakken vet, omwonden door een XXL hemd met daarop een das die eigenlijk meer horizontaal lijkt te liggen dan vertikaal te hangen. The Dog kon zich net koest houden 🙂 De té klein uitvallende hoofdjes bovenop de penzen lachten schaapachtig toen Dweezel de lift verliet om de op zijn minst vierhonderd kilo toe te laten zich naar lager gelegen regionen te begeven. Dweezel nam dus de volgende lift naar -1 om een koffie en, zowaar, dezelfde penzen aantreffend aan het koffiemachien, druk duwend op de knop ‘sans sucre’ voor hun zwarte koffie. How sad.

Noch Dweezel, noch The Dog hebben iets tegen de ietwat meer gezette medemens, integendeel, maar in dit geval heeft Dweezel het over dagelijks zakenluch verorberende flessen wijn drinkende ‘zaken’mannen. Misschien is meer gewicht ook gewichtiger? Dunno. Men zegt wel eens dat goed gerief onder een afdakske moet staan, maar een afdak dat moet afgebroken worden eer men dat goed gerief terug kan vinden, is een beetje te veel van het goede.

Dweezel en The Dog hebben natuurlijk gemakkelijk praten: wat die twee ook naar binnen spelen in massale hoeveelheden, ze blijven altijd even veel wegen. Zelfs nog niet zo lang geleden na twee keer per week een grote met stoverijsaus en mayonnaise, twee frikandellen, een reuzesaté, vijf bitterballekes, een kaaskroket en nen Bicky 🙂

Etiquette?

september 12, 2008

Dweezel dartelt als een jonge pup doorheen blogland, nieuwsgierig snuffelend hier, vrolijk kwispelend daar, nu en dan eens blaffend tegen Grote Veralgemeningen en af en toe zijn pootje opheffend tegen Heilige Huisjes. Meestal gaan dat blaffen en pootje opheffen samen, ttz na de verwachte reactie op het geblaf, gaat het pootje in de lucht. En hup, terug op pad.

Ik denk – ik weet het niet zeker – dat er een bepaalde etiquette bestaat in blogland. Op sommige blogs lijkt die etiquette verdacht veel op “Gij zult geen andere mening hebben”. Ik ben er zeker van dat de auteurs van dergelijke blogs niet wandelen zoals de gemiddelde mens, maar eerder “voortschrijden”, liefst een paar centimeter boven de grond, zodat ze kunnen neerkijken op u en ik en bovenal de indruk trachten te wekken dat ze ongelooflijk belangrijk zijn. Ze hebben een mening over àlles en hun mening is De Mening, juist en onaantastbaar. En natuurlijk hebben ze wonderkinderen, dat kan gewoon niet anders, en de foto’s van die kinderen worden in het breed uitgesmeerd op het net. “Kijk eens hoe prachtig ze zijn en ze kunnen dit en dat, nu al, ze zijn twee jaar voor op hun leeftijdsgenoten, blablabla”… Ze doen maar, Dweezel heft zijn pootje op en denkt er niet aan om zijn ene nakomeling te grabbel te gooien, want daarop komt het neer. Te. Grabbel.

Gelukkig hebben ze het niet voor het zeggen, want dan zou Dweezel, kuierend door de Veldstraat, zelfs geen sigaret meer mogen opsteken. Misschien zouden ze eens moeten beginnen roken, die bloggers der Absolute Wijsheden, misschien worden ze dan wat meer ruimdenkend. Verdraagzamer. Beminnelijker. Althans voor mij – ik spreek niet in naam van anderen.

Etiquette dus. Euh, ik heb geen namen genoemd, of wel?

Filevermaak

september 10, 2008

Elke ochtend van elke werkweek. Op maandag, woensdag en vrijdag het vagevuur, op dinsdag en donderdag de hel. Niet dat ik me het zo zwaar aantrek hoor in mijn leren salon, koffiemok bij de hand en af en toe een sigaret – ja, fanatiekelingen, ik rook! En zelfs in de auto! – maar soms kan ik me wel mateloos ergeren. Deze ochtend bijvoorbeeld: rustig voortkabbelend op het derde baanvak aan 60km/u, op een bescheiden 10 meter of zo van mijn voorligger, in wat men noemt een accordeonfile. Rijden, stoppen, rijden, stoppen. En op 2cm achter mij zo’n BMW met achter het stuur een gezonnebrilde, uitvoerig geföhnde, zonnebankbruine, kijk-eens-naar-mij-wat-ben-ik-toch-ongelooflijk broekventje. Met zo’n melksnorreke, onaangeroerd sinds de eerste haartjes verschenen. Aan het flikkeren met zijn lichten, zwaar obsceen gestikulerend. Dweezel, immer de rust zelve (yeah, right), placht dan wel eens The Dog in zichzelf voelen grommen. De nacho achter mij – ik weet niet waarom, maar dat type macho’s doet me altijd denken aan nacho’s – besluit dan maar mij rechts in te halen, met als gevolg dat hij op zijn remmen moet gaan staan omdat hij over het hoofd had gezien dat er schuin voor mij, op het tweede baanvak, ook iemand reed. Zo’n Suzuki’tje op vier fietsbanden. Ik passeerde de nacho en glimlachte vriendelijk als antwoord op zijn opgestoken middenvinger en hij schoof weer in achter mij. Bij zijn volgende poging om me rechts in te halen was hij zo woest naar mij aan het gebaren, dat hij glad in het gat reed van datzelfde Suzuki’tje. Lap, onmiddellijk alles blok, ik ook. De nacho vliegt uit zijn voiture en loopt wild roepend naar de bestuurderskant van de onfortuinlijke in wiens gat hij had gereden en bonkt razend op de ruit. De deur gaat langzaam open en ik zie voeten in gigantische rieten slippers het wegdek raken, gevolgd door gejeansde benen met een omvang van mijn middel. Dan een torso om u tegen te zeggen, armen als bomen in een hyperstrak t-shirtje, en een kop van jewelste. Zo een kóp, weet u wel, lijkend op een machtig wapen dat door alles heen kan geramd worden. Nacho werd wat bleekjes en keek even later pijnlijk grimassend naar boven in de neusgaten van de bestuurder van de Suzuki (het raadsel van hoe die man daarin kon blijft tot op heden onopgelost). Ik was ondertussen ook uitgestapt en was dicht genoeg om de boom te horen vragen: “U zei?” Bleke Nacho keerde zich dan tegen mij (ik zal u zijn verwoording besparen, de voortplantingsorganen des mans en de voortplantingsdaad op zich kwamen er veelvuldig in voor), zonder resultaat, want andere chauffeurs waren evenzeer getuige geweest van zijn irritant gedrag. Politie er bij en, om een lang verhaal kort te maken, nacho’s BMW was niet verzekerd en nacho had geen rijbewijs… Lichtjes stomend uit zijn oren, nogal rood aangelopen, okselvijvervormend was hij getuige van hoe zijn voiture op de pechstrook werd geduwd… En Dweezel wuifde glimlachend vaarwel, The Dog in zich lichtjes aan het strelen tot het grommen ophield.

De file? Eén en al plezier, ik zweer het u.